Coachen is een belangrijk aspect van het voetbal. Het is hierbij wel belangrijk om het op de goede manier te doen.

Positief stimuleren

Als we het over het trainen, het coachen en begeleiden van jeugdspelers hebben dan staat bij SML één begrip centraal en dat is “positief stimuleren”. SML wil graag dat het jeugdkader (trainers en leiders) de spelers leert voetballen vanuit een positieve aanpak.

Concrete tips om deze aanpak goed op te pakken zijn;

  • Wees positief en taakgericht, in plaats van negatief en resultaatgericht;
  • Vertel je spelers dat zij altijd winnaars zijn als zij hun uiterste best doen;
  • Praat met je spelers vooral over hun eigen vooruitgang;
  • Schep een klimaat waarin spelers fouten durven te maken;
  • Vul de “emotionele tank” van je spelers, bijvoorbeeld door veel complimenten te geven;
  • Luister naar je spelers door open vragen te stellen;
  • Gebruik humor;
  • Pas je houding aan op de doelgroep (tegen F pupillen praat je anders, dan tegen B junioren);
  • Positief stimuleren betekent niet dat je “niet kritisch en duidelijk” mag zijn tegen je spelers. Het gaat erom dat je een goede mix zoekt. De realiteit is dat een negatieve opmerking onthouden wordt en een positieve opmerking snel vergeten is.

 

Voorbeelden van coachopmerkingen

Hieronder worden een aantal voorbeelden gegeven van coachopmerkingen die we vaak langs de kant horen maar waarbij we onze vraagtekens moeten zetten over het effect en nut van die opmerkingen.

‘Speel de bal af ’– ‘Naar links spelen’ – ‘Speel die bal door het centrum’

Deze kreten horen in de categorie ‘voor coachen’. De spelers worden door de trainer gebruikt als een ‘joystick’. De spelers moeten uitvoeren wat de trainer zegt. Op deze manier krijgen spelers geen enkele vrijheid om initiatief te nemen en zelf keuzes te maken. Deze manier van coachen komt vaak voor bij trainers die emotioneel te betrokken zijn bij de wedstrijd.

‘Hoe is het nu mogelijk dat je die kans laat liggen?’–‘Wat een dom balverlies’–‘Kom nou eens op’

Deze coachmomenten zijn vrij negatief. De uitspraken zijn niet echt een steun voor het zelfvertrouwen. Het wil niet zeggen dat deze kreten nooit kunnen, maar teveel van deze opmerkingen zijn dodelijk voor het zelfvertrouwen, plezier en initiatief van een speler. Deze uitspraken komen vaak voor bij trainers die jeugdvoetbal zien als seniorenvoetbal.

‘Kom op’ – ‘Blijven voetballen’ – ‘Blijf erin geloven’

Deze coachopmerkingen hebben geen enkele inhoud. Ze behoren tot de categorie ‘losse flodders’. Deze opmerkingen hoor je het vaakst langs het veld. Ze hebben het minst negatieve effect op de spelers. Deze opmerkingen zie je vaak bij trainers en leiders die even niet goed weten hoe het ontstane voetbalprobleem opgelost moet worden.

‘Speel die bal’ – ‘Loskomen Niek’ – ‘Ga iets naar binnen’ – ‘Kom op’ – ‘Keeper ga wat verder staan’ – ‘Schieten, schieten’ – ‘Erik, luister nou toch eens!’

De laatste categorie trainers coacht de hele wedstrijd aan één stuk door. Elke actie wordt voorgekauwd door de trainer. Door deze wijze van coachen staan de spelers onder constante druk en dat komt niet ten goede van het zelfvertrouwen en plezier van de spelers. Daarnaast gaat de inhoud die de trainer in zijn opmerkingen aan de speler door wil geven verloren in de zee van aanwijzingen.
Spelers herkennen niet meer wat belangrijk is en weten niet meer wat ze van de trainer moeten doen. Deze manier van coachen is absoluut te vermijden!

Deze voorbeelden zijn heel erg herkenbaar en gebeuren wekelijks op alle niveaus. Veel van deze opmerkingen worden echter ook gemaakt door ouders die aan de kant staan. Daarom is het van essentieel belang dat de leiding richting de ouders duidelijk maakt dat de coaching van het team alleen door de trainers gebeurt. Tijdens train de trainer avonden wordt ingegaan hoe je het beste om kunt gaan met coachen en begeleiden van de verschillende leeftijden.

coaching

Toelichtingen voor teamstaf